Corporaties 3.0. Wonen en zorg
In de ouderenzorg mogen de woonzorgcentra per 1 januari 2013 geen mensen met een zogenoemde ‘lage zorgzwaarte’ meer opnemen. Op dit moment wonen er naar schatting vijftigduizend mensen met een lage zorgzwaarte (ZZP 1, 2 of 3) in traditionele verzorgingshuizen. Dat komt vooral doordat de randvoorwaarden voor een goed alternatief (goede huisvesting, geschikte woonomgeving, bereikbaarheid van voldoende zorg- en welzijnsdiensten en ‘ontmoeting’) nog onvoldoende zijn ingevuld.
Het afschaffen van zorgzwaartepakketten 1, 2 en 3 heeft voor zorgorganisaties, wooncorporaties, gemeenten en bovenal cliënten grote gevolgen op de korte termijn. Brancheverenigingen ActiZ en Aedes luidden om die reden de noodklok aan de vooravond van het Tweede-Kamerdebat over de toekomst van de AWBZ.
Afgelopen week besprak de Tweede Kamer het bovenstaande. In een brandbrief aan de Kamerleden stellen ActiZ en Aedes dat deze maatregel alleen maar verliezers kent als er in de implementatie geen aandacht is voor een goed aanbod van wonen, zorg en welzijn buiten het verzorgingshuis.
Kansen
Zorgvragers, zorgaanbieders, corporaties en gemeenten zijn van mening dat extramuralisering kansen biedt voor kwaliteitsverbetering en kostenbesparing, maar niet in alle gevallen en zeker niet zonder doordacht beleid. Gerichte investeringen aan de ‘onderkant van de zorg’, samen met lokale samenwerkings-partners en vanuit het perspectief van de senioren kan winst opleveren.
Investeringen
Het belangrijkste effect van de investeringen is dat senioren langer thuis wonen. In het rapport ‘Kosten en baten van extramuralisering’ hebben de Stichting voor Economisch onderzoek (SEO) en het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) in 2004 de (financiële) gevolgen van extramuralisering van 65-plussers onderzocht. Daarvoor hebben ze een kosten-batenanalyse uitgevoerd. Zij vonden een totale baat van bijna 16.000 euro per persoon als ‘matig beperkte’ senioren extramuraal in plaats van intramuraal wonen. Dit bedrag bestaat vooral uit een besparing op de kosten van het verzorgingshuis. Tevens bleek dat senioren thuis minder gebruikmaakten van medicijnen en ziekenhuizen.
Winst
De winst is ook uit te drukken in geld als de investeringen van de betrokken partijen (waaronder de wooncorporaties) afgezet worden tegen de maatschappelijke baten.
De grafiek van Schröfer maakt dit duidelijk. Met het klimmen der jaren stijgt bij mensen de ‘hulpvraag’. Het ‘probleemoplossend vermogen’ daalt echter. Het snijpunt van deze twee lijnen (1) betekent een belangrijk moment voor de betrokken oudere. Vaak denkt men op dat moment aan mogelijke vormen van intramurale zorg, omdat het thuis niet meer gaat.
Door te investeren aan de ‘onderkant van de zorg’ stijgt de hulpvraag minder snel en daalt ook het probleemoplossend vermogen minder snel (2). Mensen kunnen dus langer thuis blijven wonen, waardoor de kosten dalen.
Bron: Humanitas
Wooncorporaties
Wooncorporaties willen voldoen aan de nadrukkelijke wens van senioren zelf om langer thuis te blijven wonen. Aedes: “Circa 60% van de sociale huurders in Nederland is 55 jaar of ouder”. Dat deel zal alleen maar groter worden met de aanstormende ‘dubbele’ vergrijzing.
Van de ouderen in ons land wil 90% zo lang mogelijk zelfstandig blijven wonen. Om aan die vraag te kunnen voldoen, moeten de komende jaren een half miljoen woningen levensloopgeschikt worden gemaakt. Dit blijkt uit onderzoek van USP Marketing Consultancy in opdracht van het samenwerkingsverband Wel Thuis. Bij het huidige beleid wordt dit doel niet bereikt en zullen de zorgkosten onnodig ‘exploderen’.
Levensloopgeschikte woningen lijken de belangrijkste oplossing om de oplopende zorgkosten te beperken. Eric Borggreve, voorzitter van het samenwerkingsverband: “Langer zelfstandig wonen heeft belangrijke voordelen: de levenskwaliteit van ouderen neemt toe, schaars zorgpersoneel kan efficiënter worden ingezet en de vraag naar dure intramurale zorg neemt af.”
Levensloopgeschikte woningen kunnen al zijn aangepast aan de bewoners of aan een bepaalde doelgroep, al dan niet met subsidie via de Wet maatschappelijke ondersteuning. De woningen kunnen ook aanpasbaar zijn gebouwd: ze zijn dan zo ontworpen dat aanpassingen eenvoudig mogelijk zijn als de bewoner wordt geconfronteerd met een fysieke beperking.
door: Meindert Kuyvenhoven, werkzaam als productmanager Housing & Healthcare bij Centric. De laatste jaren is hij nauw betrokken geweest bij het ontwikkelen van de visie van Centric op informatie-uitwisseling binnen de corporatiebranche en het productbeleid voor woningcorporaties. Momenteel houdt hij zich bezig met de gevolgen van de nieuwe rol van gemeenten, het financieel scheiden van wonen en zorg en nieuwe samenwerkingsverbanden voor corporaties en zorginstellingen.

